Nek aan nek

 

Hoe krijg je een giraffe in een aanhangwagen? Quest keek de kunst af van de enige Nederlandse transporteur van dierentuindieren. ‘Geiten en schapen vervoeren vind ik niet leuk.’



Foto: Niels Broekema


De staart van Noucanou zwaait wanneer de deur van het verblijf opzij rolt. Langzaam stappen haar lange poten naar de opening. Dan haperen haar passen. Er iets is vreemds gebeurd. Want waar een uur geleden nog een zandvlakte lag, ziet ze nu slechts de binnenkant van een grote doos. Jimmy Ebel, de curator van de dierentuin in het Noord-Franse Maubeuge, kijkt toe. ‘I am so nervous’, zegt hij met een zwaar Frans accent. Hij herinnerde het zich nog goed: de vorige keer duurde het inladen van een giraffe maar liefst vijf uur.

Even daarvoor had transporteur Ernst-Jan Kip de vrachtwagen achteruit tot vlak voor de deur gemanoeuvreerd, dwars door het mulle zand van het giraffenverblijf. Vervolgens plaatste hij een paar houten schotten tussen de trailer en de deur, om te voorkomen dat het dier straks langs de aanhanger naar buiten glipt. Maar voorlopig gebeurt er nog niets. De giraffe likt met haar lange, grijze tong aan het kozijn, snuffelt aan de tralies van de schuifdeur en kijkt nog eens. Zal ze naar binnen stappen? Het antwoord wordt snel duidelijk. Ze draait zich resoluut om. Nee, natuurlijk niet.

Toch zal Noucanou moeten verhuizen. Vanuit Maubeuge gaat de giraffe naar Ouwehands Dierenpark in Rhenen. Heel zeldzaam is zo’n transport niet, er worden regelmatig dieren uitgewisseld tussen dierentuinen. Daar kunnen verschillende redenen voor zijn. Soms wil een dierentuin voorkomen dat jonge giraffemannen hun zus of hun moeder bespringen wanneer de hormonen beginnen te werken. Andere verhuizingen worden georganiseerd om een vruchtbaar mannetje bij een vruchtbaar vrouwtje te krijgen. En hier ligt het weer anders. ‘Deze giraffe moet weg omdat haar moeder drachtig is’, vertelt Kip. ‘Binnenkort gaat ze bevallen. Blijven allebei haar kinderen in hetzelfde verblijf, dan wordt de oudste jaloers. Ze gaan vechten, waardoor de kleinste overlijdt.’


Reuzen op de weg

Het Nederlandse bedrijf Ekipa (dat staat voor ‘Experienced know-how in professional animal transport) is een van de twee Europese bedrijven die gespecialiseerd zijn in zulke bijzondere verhuisklussen. Ernst-Jan Kip, een bebaarde kerel met in elk oor een gouden ring, vervoert al sinds een jaar of tien jaar allerlei reuzen uit het dierenrijk. Olifanten, neushoorns en tijgers, ze hebben allemaal in de vrachtwagens van Ekipa over de Europese wegen gereden. ‘Alleen dierentuindieren doen we. Ik zou natuurlijk ook schapen en geiten kunnen vervoeren, maar dat vind ik niet leuk.’

De transporteur vertelt graag over zijn ervaringen. Het zijn verhalen, die allemaal volgens hetzelfde patroon verlopen. Ze beginnen met een zin als ‘Vorige week moest ik een ijsbeer uit Moskou halen’ of ‘Een paar jaar terug vervoerden we een zeekoe naar Arnhem. En dan volgt een komische noot. ‘Ik tilde de schuif op, bijt die ijsbeer zo een van de tralies los. Bleek die Russische kist niet goed meer te zijn.’ En: ‘Die zeekoe was op zijn rug gedraaid. Wij dachten: dat is een teken dat hij doodgaat. Paniek, natuurlijk. Dus hebben we met touwen geprobeerd hem om te draaien. Was het eindelijk gelukt, floep, draait hij zich weer terug. Hoorden we later dat zo’n beest ook op zijn rug ligt als hij heel erg ontspannen is.’


Zuri liep zo naar binnen

Terug naar Maubeuge, het is inmiddels tien minuten later. Noucanou staat na een korte rondwandeling door haar verblijf opnieuw in de deuropening. Haar kop steekt naar buiten, zonnestralen vallen op haar neus. Bart Herrijgers, de collega van Kip, probeert het dier naar binnen te lokken. Hij hangt een sappige tak in de trailer. Zou de giraffe daar misschien trek in hebben? Een aantal dierenverzorgers en de directeur van de dierentuin kijken van achter de tralies toe. Ze houden hun adem in, de fotocamera’s in de aanslag. Maar ook ditmaal draait ze zich om. De giraffe is niet geïnteresseerd in sappige takken.

Een dag eerder was het allemaal eenvoudiger gegaan. Giraffe Zuri, een prachtige hengst van vijftien maanden oud, was in het dierenpark van Rhenen zo de trailer in gewandeld. Een verzorger, gewapend met een bezem en een trekker, had een paar keer op de tralies geslagen en een luide kreet geslaakt. Het was voldoende om de langnek in beweging te zetten. Binnen enkele ogenblikken stond hij in de trailer, en boem, achter hem viel de deur dicht. Met een kwade trap tegen het staal liet hij nog even zijn ongenoegen merken. Een paar minuten later was hij al weer gekalmeerd. Het transport kon rustig vertrekken.

Konden ze hier in Maubeuge ook niet een beetje herrie maken? ‘Nee’, zegt Kip gedecideerd. ‘Dat werkt nu niet. Deze giraffe is met de fles grootgebracht. Daarom is ze niet bang voor mensen. Bij Zuri was dat anders. Die heeft altijd bij zijn moeder gedronken. Hij was minder gewend aan mensen om zich heen. Daarom liet hij zich door wat herrie de trailer in jagen.’


Giraffe kan schoppen

Noucanou staat weer midden in haar hok. Ze kijkt nog maar af en toe naar de trailer. Kip besluit de tactiek te wijzigen. Hij klimt naar binnen, gewapend met een plank ter grootte van een halve deur. Er zit een handvat aan. Met een geconcentreerde blik in zijn ogen en de plank voor zijn indrukwekkende buik kijkt de transporteur naar het dier en zet een stap vooruit. Hij is als een Spaanse torero die danst met zijn stier. Alleen heeft Kip het beste voor met zijn danspartner. ‘Nou snuitje, ga er eens in’, zegt hij. Maar de giraffe trekt zich niets aan van de aansporingen.

Niet veel later komen uit de mond van de transporteur zachte sisgeluiden: ‘Ssst, ssst’. Met elke stap van Kip wordt de kooi een beetje kleiner. Langzaam beweegt Noucanou nu toch naar de deur. Duwen heeft geen zin, heeft hij even daarvoor verteld. ‘Dan raakt ze in paniek.’ En Kip kan het weten. Hij heeft het meegemaakt. Een giraffe schopte hem omver. ‘Ik hield de plank voor mijn lichaam om me te beschermen. Wat er daarna gebeurde, weet ik niet precies. Maar later zag ik dat er afdrukken van de hoeven in stonden. Waarschijnlijk heeft hij bovenop me gestaan.’

De giraffe zet nog een paar passen de goede kant op. Maar op het laatste moment bedenkt ze zich en draait zich met een paar geschrokken bewegingen om. ‘Kan James ook met een bord komen?’, vraagt Kip, als hij na vijf minuten nog geen resultaat heeft geboekt. Een besnorde Fransman met grijs haar en een blauw T-shirt betreedt even later het giraffenverblijf. Ook de directeur van de dierentuin en curator Jimmy (‘I am so nervous’) Ebel volgen.


Deur klapt dicht

De vier mannen staan naast elkaar, achter drie houten borden. Ze lijken geen haast te hebben en overleggen rustig wat ze gaan doen. Precies een halfuur nadat de deur van het verblijf openging, is het zover. Noucanou vindt het toch een beetje krap worden, met al die mannen om haar heen. Ze verzamelt al haar moed en wandelt langzaam de trailer in. ‘Bart, bijna. Nog niet helemaal!’, roept Kip tegen zijn collega Herrijgers. Die grijpt daarop de stang waarmee hij de stalen deur kan dichtduwen zonder daarbij in de buurt van de schoppende poten van de giraffe te komen. Even daarna roept Kip: ‘Ja, nu!’ Het geluid van trillend staal. De deur is dicht. Aan het tactische spel is een einde gekomen, de giraffe zit in de trailer. Noucanou kijkt nog eens achterom, naar haar oude verblijf. En dan gaat ze op weg naar een nieuw avontuur.



© Rik Kuiper / Quest - het is ten strengste verboden deze tekst of delen van deze tekst over te nemen zonder toestemming van de auteur.

 

Door Rik Kuiper - Quest, augustus 2007

 
 

volgende >

< vorige

Home    Biografie    Artikelen    Boeken    Contact